Financiën
Zonnepanelen saldering 2027: loont een nieuwe

Een nieuwe installatie van zonnepanelen loont in 2026 nog altijd — maar de businesscase verschuift fundamenteel op 1 januari 2027, wanneer de salderingsregeling volledig stopt en teruggeleverde stroom nog slechts €0,06–€0,09 per kWh oplevert in plaats van de huidige inkooprijs.
Korte samenvatting
- Saldering stopt volledig op 1 januari 2027 — geen geleidelijke afbouw in procenten.
- Teruggeleverde stroom daalt in waarde van circa €0,28 naar €0,06–€0,09 per kWh na 2027.
- Een 4 kWp-systeem geplaatst in 2026 heeft een terugverdientijd van 8–11 jaar bij eigenverbruik als kern.
- Wachten tot 2028 kost u realistisch €1.500–€2.500 cumulatief voordeel over 15 jaar.
Wat verandert er precies op 1 januari 2027 met de saldering?
De meest hardnekkige misvatting onder oriënterende kopers is dat de saldering geleidelijk wordt afgebouwd — met percentages als 64% in 2026, 49% in 2027 en zo verder. Dat klopt niet. Volgens de wet eindigt de salderingsregeling volledig op 1 januari 2027, in één keer. Tot en met 31 december 2026 saldeert u nog 100% van uw teruggeleverde stroom; u verrekent die kilowatturen gewoon met uw verbruik alsof u ze zelf had gebruikt. Vanaf 1 januari 2027 geldt die verrekening niet meer. U ontvangt dan alleen een teruglevertarief van uw energieleverancier.
Dat teruglevertarief bedraagt op vaste contracten in 2025–2026 doorgaans €0,04–€0,09 per kWh, zo blijkt uit een vergelijking van actuele tarieven. Sommige goedkopere aanbieders zitten zelfs op €0,02. Op dynamische contracten (EPEX-gebaseerd) loopt dit uiteen van negatief bij piekaanbod tot €0,12–€0,18 in de ochtend- en avonduren. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) houdt toezicht op de redelijkheid van deze tarieven, maar verplicht leveranciers niet tot een minimum teruglevertarief.
Ter illustratie: wie in 2026 nog 2.000 kWh teruglevert à €0,30 per kWh (de vermeden inkoopprijs), geniet een voordeel van €600. Diezelfde 2.000 kWh in 2027 levert via het teruglevertarief slechts €140 op. Dat is een structureel verlies van €460 per jaar — elk jaar opnieuw.
Samengevat: de salderingsregeling eindigt op 1 januari 2027 volledig, waarna teruggeleverde stroom nog maar €0,06–€0,09 per kWh oplevert in plaats van circa €0,28–€0,33.
Loont een nieuwe installatie zonnepanelen in 2026 nog als de saldering stopt?
Ja — maar de businesscase rust voortaan op eigenverbruik, niet op teruglevering. Dat is een wezenlijk ander uitgangspunt dan vóór 2027. Volgens Milieu Centraal haalt een gemiddeld huishouden zonder elektrische auto of warmtepomp realistisch 25–35% eigenverbruik bij een systeem van circa 4 kWp. De overige 65–75% wordt teruggeleverd en is na 2027 veel minder waard.
Voor een nieuw systeem van 4 kWp op een zuidgericht dak — investering ruw €4.000–€5.500 inclusief installatie — bedraagt de terugverdientijd bij huidige stroomprijzen van circa €0,28–€0,33 per kWh naar schatting 8–11 jaar. Wie in 2023 installeerde onder volledige saldering, haalde naar schatting 6–8 jaar. Het verschil is puur de waarde van teruggeleverde stroom na 2027.
Toch blijft de kern overeind: het eigenverbruiksdeel — bij 3.500 kWh jaarverbruik al 25–35% van de productie — blijft even waardevol als vermeden inkoop. Elke kWh die u zelf verbruikt, spaart u €0,28–€0,33 uit. Dat rechtvaardigt de investering op zichzelf, ook zonder saldering. De kunst zit in het maximaliseren van dat eigenverbruiksaandeel.
Welk eigenverbruikspercentage is minimaal nodig?
De vuistregel: pas als eigenverbruik structureel boven de 40% uitkomt, is de businesscase na 2027 ruim comfortabel. Dat percentage haalt u zonder batterij alleen via gedragsoptimalisatie: grote verbruikers overdag inzetten, zoals de wasmachine, vaatwasser en boiler. Wie structureel onder de 35% blijft, verdient het systeem nog altijd terug — maar de marge wordt smaller. Een smart energy monitor van €150–€400 helpt verbruiksgedrag te verschuiven en betaalt zich sneller terug dan een thuisbatterij. Meer tips over het verhogen van eigenverbruik vindt u in het artikel over eigenverbruik zonnepanelen verhogen.
Zonnepanelen saldering 2027 nieuwe installatie: hoe groot moet het systeem zijn?
De meest onderschatte beslissing bij een nieuwe installatie is de systeemgrootte. Een installateur die 14 panelen adviseert voor een huishouden met 3.200 kWh jaarverbruik, optimaliseert voor maximale productie — niet voor maximale financiële opbrengst na 2027. Op een boerderij in Overijssel met precies dit verbruiksprofiel adviseerden wij onlangs terug van 14 panelen (5,6 kWp, productie circa 5.000 kWh) naar 8 panelen (3,2 kWp, productie circa 2.900 kWh). De investering was €3.200 lager, het eigenverbruikspercentage steeg naar ruim 75%, en de netto opbrengst over 15 jaar bleek nagenoeg gelijk — bij een aanzienlijk lager risicoprofiel.
De vuistregel voor optimale systeemgrootte
Dimensioneer het systeem zodat u na 2027 maximaal 30–40% van de productie teruglevert. Dat vertaalt zich in een praktische formule: systeemvermogen in kWp ≈ 0,8–1,0 × jaarverbruik in MWh, zonder batterij of EV. Een huishouden met 3.500 kWh verbruik kan dan uitstekend toe met een systeem van 3–3,5 kWp. Wie ook een elektrische auto of warmtepomp in de planning heeft, mag ruimer dimensioneren — maar dat verbruik moet dan ook écht worden meegenomen in de berekening. De businesscase voor verschillende woningtypes is ook nader uitgewerkt in het artikel over zonnepanelen op een boerderij na 2027.
Wanneer teruglevering boven de 2.000 kWh per jaar uitkomt zonder aanvullende maatregelen, verslechtert de businesscase snel. Bij een systeem van 6 kWp of groter en 3.500 kWh verbruik levert u al gauw 2.500–3.000 kWh terug. Tegen €0,06–€0,08 is dat slechts €150–€240 per jaar aan terugleverinkomsten, terwijl de investering €6.500–€8.000 bedraagt. De terugverdientijd loopt dan op naar 12–15 jaar.
Samengevat: dimensioneer uw systeem op 0,8–1,0 kWp per MWh jaarverbruik om na 2027 maximaal 30–40% terug te leveren en de terugverdientijd onder de 11 jaar te houden.
Welke regio en dakoriëntatie is het meest rendabel na de salderingsafbouw?
Regionale opbrengstverschillen zijn groter dan veel kopers beseffen. Zeeland en Zuid-Holland halen naar schatting 950–1.050 kWh per kWp per jaar; Groningen en Drenthe komen uit op 850–930 kWh/kWp. Dat verschil van 10–15% maakt over 15 jaar al gauw €500–€800 uit, gerekend naar eigenverbruikswaarde. Meer over regionale verschillen leest u in het artikel over de invloed van uw regio op de salderingsafbouw.
Dakoriëntatie is minstens zo bepalend. Een zuidgericht dak haalt 100% van de theoretische opbrengst; een oost-west opstelling gezamenlijk circa 80–90%, maar spreidt de productie beter over de dag. Die spreiding verhoogt het eigenverbruikspercentage met 5–10 procentpunt — en dat is na 2027 goud waard. De meerkosten voor een oost-west dakconstructie bedragen doorgaans €0–€300. Het extra eigenverbruik levert daarna circa €80–€150 per jaar op; de terugverdientijd van die meerkosten bedraagt 2–4 jaar. Een uitgebreide analyse van deze opstelling vindt u in het artikel over de oost-west opstelling en eigenverbruik na de salderingsafbouw.
Lonen zonnepanelen met saldering 2027 meer bij installatie in 2026 dan in 2028?
Wie in januari 2026 installeert, profiteert nog één volledig jaar van 100% saldering. Bij een middelgroot systeem van 4 kWp levert dat naar schatting €400–€600 extra op ten opzichte van installatie in 2028. Maar het werkelijke cumulatieve voordeel zit in twee jaar extra opbrengst: bij €600–€900 per jaar eigenverbruikswaarde scheelt dat cumulatief €1.200–€1.800 netto over 15 jaar, exclusief rentederving.
Wie wacht tot 2028, hoopt mogelijk op lagere paneelprijzen. Die daling bedraagt realistisch €200–€400, maar weegt niet op tegen het gemiste voordeel. Het totale nadeel van wachten tot 2028 bedraagt realistisch €1.500–€2.500 cumulatief over 15 jaar. De meest bepalende aannames in deze berekening zijn de stroomprijs (elk cent/kWh maakt op 15 jaar honderden euro’s uit), het teruglevertarief na 2027, en paneeldegradatie van circa 0,3–0,5% per jaar.
Vergelijkbare overwegingen gelden ook voor eigenaren van andere woningtypes, zoals beschreven in het artikel over zonnepanelen in nieuwbouw na de salderingsafbouw.
Welk energiecontract en welke maatregelen maken de businesscase het sterkst?
Voor wie in 2026 een nieuw systeem plaatst, zijn er drie maatregelen die in combinatie de sterkste businesscase opleveren:
- Oost-west opstelling: meerkosten €0–€300, eigenverbruikswinst 5–10 procentpunt, terugverdientijd meerkosten 2–4 jaar.
- Dynamisch energiecontract: geen meerkosten, maar vraagt actief verbruiksbeheer. Op EPEX-gebaseerde contracten loopt het teruglevertarief van negatief bij piekaanbod tot €0,12–€0,18 in ochtend- en avonduren. Lees meer in het artikel over een dynamisch energiecontract in combinatie met zonnepanelen.
- Smart energy monitor: investering €150–€400, verhoogt eigenverbruik door gedragsoptimalisatie, terugverdientijd korter dan een thuisbatterij.
Een thuisbatterij van 10 kWh kost €5.000–€8.000 en verhoogt eigenverbruik met 20–30 procentpunt, maar de terugverdientijd op de batterij zelf bedraagt 10–15 jaar. Er is geen landelijke ISDE-subsidie voor een particuliere thuisbatterij. De batterij is pas echt interessant in combinatie met een elektrische auto of warmtepomp. Let ook op terugleverkosten: steeds meer leveranciers rekenen €0,50–€2,50 per maand voor de afname van teruggeleverde stroom — die moeten in uw berekening worden meegenomen.
Wat ontbreekt standaard in offertes en vergelijkingssites?
In negen van de tien offertes ontbreekt een gesplitste opbrengstberekening: hoeveel verdient u via eigenverbruik, en hoeveel via teruglevering — en wat gebeurt er met dat tweede getal na 1 januari 2027? Vergelijkingssites rekenen structureel nog met 100% saldering of met fictieve afbouwpercentages die niet kloppen met de wet. Ook ontbreken vrijwel altijd: het concrete teruglevertarief van de aanbevolen leverancier, eventuele terugleverkosten, en de impact van degradatie op langetermijnopbrengst. Wat ethisch verplicht zou moeten zijn — en wat de ACM idealiter zou afdwingen — is een gestandaardiseerd scenarioblad: een berekening mét saldering tot 2027 én een berekening zonder saldering daarna, op basis van een realistisch teruglevertarief van €0,06–€0,09.
Vergelijking: systeemscenario’s voor nieuwe installaties in 2026
| Scenario | Vermogen | Investering | Eigenverbruik | Teruglevering/jaar | Terugverdientijd |
|---|---|---|---|---|---|
| Klein systeem (zuidgericht) | 3,2 kWp | €3.200–€4.200 | ~75% | ~700 kWh | 7–9 jaar |
| Middelgroot (zuidgericht) | 4 kWp | €4.000–€5.500 | ~35% | ~2.300 kWh | 8–11 jaar |
| Middelgroot (oost-west) | 4 kWp | €4.000–€5.800 | ~45% | ~1.900 kWh | 8–10 jaar |
| Groot systeem (zuidgericht) | 6 kWp | €6.500–€8.000 | ~35% | ~2.700 kWh | 12–15 jaar |
| Groot + thuisbatterij 10 kWh | 6 kWp | €11.500–€16.000 | ~65% | ~900 kWh | 13–17 jaar |
Bronnen: marktonderzoek 2026, Milieu Centraal. Aannames: 3.500 kWh jaarverbruik, stroomprijs €0,30/kWh, teruglevertarief €0,07/kWh na 2027, degradatie 0,4%/jaar.
Onze analyse: wanneer is een groot systeem een slechte keuze?
Onze analyse: Een 6 kWp-systeem zonder aanvullende maatregelen levert bij een doorsnee huishouden van 3.500 kWh verbruik een teruglevering van circa 2.700 kWh per jaar op. Tegen een teruglevertarief van €0,07 is dat €189 per jaar — voor een investering van €6.500–€8.000. Het eigenverbruiksdeel (circa 1.800 kWh à €0,30) levert €540 op. Totale jaarlijkse besparing: €729. Terugverdientijd: minimaal 13 jaar. Een 3,2 kWp-systeem van €3.600 levert bij 75% eigenverbruik jaarlijks circa 2.175 kWh eigenverbruik à €0,30 = €653 besparing, plus €49 teruglevertarief = €702 totaal. Terugverdientijd: iets meer dan 5 jaar minder investering voor nagenoeg dezelfde jaarlijkse besparing. Het grotere systeem is in dit scenario simpelweg te groot voor de situatie. Raadpleeg ook het artikel over de terugverdientijd na de salderingsafbouw voor een gedetailleerde scenariocalculator.
Meer uitleg over hoe u uw exacte eigenverbruik berekent, vindt u bij Milieu Centraal en in ons artikel over eigenverbruik berekenen stap voor stap. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) publiceert tevens actuele gegevens over energiesubsidies en de fiscale behandeling van zonnepanelen voor particulieren.
Conclusie: zonnepanelen in 2026 installeren is nog altijd verstandig — mits u het slim doet
Zonnepanelen met de salderingsafbouw van 2027 in het achterhoofd lonen nog altijd, maar de spelregels zijn veranderd. Eigenverbruik is de nieuwe pijler; teruglevering is een bijproduct dat na 2027 weinig meer oplevert. De concrete aanbevelingen:
- Dimensioneer het systeem op 0,8–1,0 kWp per MWh jaarverbruik, niet op maximale dakbezetting.
- Kies bij voorkeur een oost-west opstelling als het dak dat toelaat — de betere spreiding over de dag verhoogt eigenverbruik structureel.
- Installeer in 2026 om nog één jaar van 100% saldering te profiteren en cumulatief €1.500–€2.500 voordeel te halen ten opzichte van wachten tot 2028.
- Kies een dynamisch energiecontract als u bereid bent verbruik actief te sturen; anders een vaste leverancier met het hoogste gegarandeerde teruglevertarief — en controleer altijd of er terugleverkosten worden gerekend.
- Stel een thuisbatterij uit totdat u ook een elektrische auto of warmtepomp aanschaft; een smart energy monitor is een kosteneffectiever eerste stap.
Voor eigenaren van specifieke woningtypes zijn de gevolgen van de salderingsafbouw verder uitgewerkt in de artikelen over zonnepanelen op een schuur na 2027 en over wat u nu kunt doen na de afschaffing van de salderingsregeling. De Rijksoverheid publiceert de actuele wetgeving rondom de beëindiging van de salderingsregeling per 1 januari 2027.
Veelgestelde vragen over zonnepanelen saldering 2027 en nieuwe installaties
Stopt de salderingsregeling in 2027 geleidelijk of in één keer?
De salderingsregeling stopt volledig op 1 januari 2027 in één keer — er zijn geen jaarlijkse afbouwpercentages. Tot en met 31 december 2026 saldeert u nog 100%, daarna geldt uitsluitend een teruglevertarief van €0,04–€0,09 per kWh op vaste contracten.
Hoeveel levert teruggeleverde stroom nog op na 1 januari 2027?
Na 1 januari 2027 ontvangt u van uw energieleverancier een teruglevertarief van gemiddeld €0,06–€0,09 per kWh op vaste contracten, of €0,12–€0,18 in gunstige uren op een dynamisch contract. Ter vergelijking: bij 100% saldering was de waarde circa €0,28–€0,33 per kWh.
Loont het nog om in 2026 zonnepanelen te laten installeren als de saldering stopt?
Ja, zonnepanelen lonen nog altijd in 2026, mits het systeem wordt gedimensioneerd op eigenverbruik. Een 3,2–4 kWp-systeem heeft een terugverdientijd van 7–11 jaar; wie wacht tot 2028 mist cumulatief €1.500–€2.500 voordeel over 15 jaar.
Hoe groot moet mijn systeem zijn om na 2027 nog rendabel te zijn zonder thuisbatterij?
De vuistregel is: kWp ≈ 0,8–1,0 × jaarverbruik in MWh. Bij 3.500 kWh verbruik is een systeem van 3–3,5 kWp optimaal zonder batterij of EV; een groter systeem verhoogt de teruglevering boven het rendabele omslagpunt van 2.000 kWh per jaar.
Maakt dakoriëntatie nog verschil voor de businesscase na de salderingsafbouw?
Ja, een oost-west opstelling haalt weliswaar 80–90% van de productie van een zuidgericht dak, maar verhoogt eigenverbruik met 5–10 procentpunt door betere spreiding over de dag — wat na 2027 structureel €80–€150 extra per jaar oplevert. De meerkosten van €0–€300 zijn in 2–4 jaar terugverdiend.
Welk type energiecontract is het beste voor nieuwe zonnepaneeleigenaren in 2026?
Een dynamisch EPEX-contract is het meest voordelig als u bereid bent actief verbruik te sturen en terugleverpieken te vermijden; voor wie dat niet wil, is een vast contract met het hoogste gegarandeerde teruglevertarief — zonder terugleverkosten — de veiligste keuze.
Is een thuisbatterij noodzakelijk om zonnepanelen rendabel te maken na 2027?
Nee, een thuisbatterij is geen noodzaak. Een smart energy monitor van €150–€400 en gedragsoptimalisatie zijn kosteneffectiever als eerste stap; een thuisbatterij van 10 kWh kost €5.000–€8.000 en heeft een terugverdientijd van 10–15 jaar, en wordt pas echt interessant in combinatie met een elektrische auto of warmtepomp.
Redactie
GeverifieerdOnafhankelijk redactieteam
2 jaar ervaring · sinds 2024 bij ons